Gefährdung des Straßenverkehrs
Een Pflichtverteidiger is geen gekozen raadsman (Wahlverteidiger), maar een Strafverteidiger, die door de rechter in een geval van "notwendige Verteidigung" in de zin van § 140 StPO aan de verdachte wordt toegewezen. De verdachte kan daarbij zijn voorkeur voor een bepaalde Verteidiger kenbaar maken.
De Pflichtverteidiger kan rechtstreeks bij de Duitse Staat declareren. Mocht de verdachte onverhoopt veroordeeld worden, dan zal deze de voorgeschoten kosten alsnog op de veroordeelde verdachte verhalen; behoudens wanneer het jeugdstrafrecht is toegepast. De Pflichtverteidiger mag trouwens ook bijkomende financiële afspraken met de verdachte maken.

Gefährdung des Straßenverkehrs (§ 315c StGB)

§ 315c StGB
(1) Wer im Straßenverkehr 1. ein Fahrzeug führt, obwohl er a) infolge des Genusses alkoholischer Getränke oder anderer berauschender Mittel oder b) infolge geistiger oder körperlicher Mängel nicht in der Lage ist, das Fahrzeug sicher zu führen, oder 2. grob verkehrswidrig und rücksichtslos a) die Vorfahrt nicht beachtet, b) falsch überholt oder sonst bei Überholvorgängen falsch fährt, c) an Fußgängerüberwegen falsch fährt, d) an unübersichtlichen Stellen, an Straßenkreuzungen, Straßeneinmündungen oder Bahnübergängen zu schnell fährt, e) an unübersichtlichen Stellen nicht die rechte Seite der Fahrbahn einhält, f) auf Autobahnen oder Kraftfahrstraßen wendet, rückwärts oder entgegen der Fahrtrichtung fährt oder dies versucht oder g) haltende oder liegengebliebene Fahrzeuge nicht auf ausreichende Entfernung kenntlich macht, obwohl das zur Sicherung des Verkehrs erforderlich ist, und dadurch Leib oder Leben eines anderen Menschen oder fremde Sachen von bedeutendem Wert gefährdet, wird mit Freiheitsstrafe bis zu fünf Jahren oder mit Geldstrafe bestraft. (2) In den Fällen des Absatzes 1 Nr. 1 ist der Versuch strafbar. (3) Wer in den Fällen des Absatzes 1 1. die Gefahr fahrlässig verursacht oder 2. fahrlässig handelt und die Gefahr fahrlässig verursacht, wird mit Freiheitsstrafe bis zu zwei Jahren oder mit Geldstrafe bestraft.
Algemeen
§ 315c StGB sanctioneert het concreet in gevaar brengen van (i) Leib oder Leben van anderen of (ii) fremde Sachen von bedeutendem Wert door het besturen van een voertuig in het verkeer onder bepaalde, door de wet omschreven omstandigheden.

De norm kent twee klassieke ingangspoorten:
  1. Nr. 1 (Fahruntüchtigkeit): rijden in rij-ongeschikte toestand (alcohol of andere bedwelmende middelen; lichamelijke of geestelijke gebreken).
  2. Nr. 2 (die “sieben Todsünden”): grob verkehrswidrig und rücksichtslos een van de in lit. a–g opgesomde zware verkeersverkeersovertredingen begaan (o.a. voorrangsfouten, foutief inhalen, gevaar ter hoogte van oversteekplaatsen/kruisingen, te hard rijden op onoverzichtelijke plaatsen, onjuist linksaf of wenden, handelen aan spoorwegovergangen).

Concreet gevaar is vereist: de situatie moet zó kritisch zijn dat het slechts van het toeval afhangt of schade/letsel uitblijft (“Beinahe-Unfall”). De rechtspraak benadrukt dit Zufallskriterium; zonder die concrete gevarendichtheid is § 315c niet vervuld.

Bij fahrlässige (culpoze) pleegvarianten liggen de strafmaxima lager dan bij vorsätzliche (opzettelijke) varianten; de kernstrafbedreiging is geldboete of gevangenisstraf, met maxima van vijf jaar (opzet) resp. twee jaar (schuld).

Terzijde: als alleen het eigen (door de dader bestuurde) voertuig of het Tatwerkzeug is beschadigd, ontbreekt de “fremde Sache” in de zin van § 315c, en leidt dan in de rechtspraak geregeld tot vrijspraak/kwalificatiecorrectie.

Een “Sache von bedeutendem Wert” wordt in de literatuur en leerbronnen drempelmatig benaderd rond € 750, maar in de praktijk ligt het zwaartepunt bij gevaar voor personen.
Veelvoorkomende feitencomplexen
  1. Rijden in rij-ongeschikte toestand door alcohol (Nr. 1 a) + concrete gevaarzetting => klassiek voorbeeld: Blutalkoholkonzentration (BAK) ≥ 1,1‰ (“absolute Fahruntüchtigkeit”), of lagere BAK met bijkomende uitvalverschijnselen. ("Ausfallerscheinungen"); plus "Beinahe-Unfall" of vergelijkbare concrete gevarensituatie.
  2. Te hard rijden op (on)overzichtelijke plaatsen/kruisingen (Nr. 2 d in combinatie met a/e) => Overschrijding van de toegestane maximale snelheid in situaties met verhoogd risico (kruisingen, onoverzichtelijke plekken), en concrete gevarensituaties door rem- of uitwijkmanoeuvres van derden, vaak aangeduid als “grob verkehrswidrig fahren”.
  3. Foutief/gevaarlijk inhalen (Nr. 2 b) => Rechts inhalen met snijdend invoegen (Einscheren)”; inhalen bij slecht zicht of ondanks tegenligger (Let op: fouten na voltooiing van het inhaalmanoeuvre vallen niet onder Nr. 2 b).
  4. Voorrangsfouten (Nr. 2 a) => Niet-verlenen van voorrang met noodstop/uitwijken van ander verkeer; in de praktijk vaak aan kruisingen, waar de concrete gevarendichtheid wordt aangenomen.
  5. Gevaar bij voetgangersoversteekplaatsen (Nr. 2 c) => Niet-stoppen voor overstekenden of doorrijden ondanks duidelijk gevaar bij zebrapaden.
  6. Foutief linksaf slaan/keren op de weg (Nr. 2 e, f) => Vooral “afslaan over de tegenstrook” of keren op een drukke weg met Beinahe-Unfall.
  7. Rijden onder invloed van andere bedwelmende middelen dan alcohol (Nr. 1 a) + concrete gevaarzetting.
  8. Gevaarzetting bij spoorwegovergangen (Nr. 2 g).

Rechtspraakaccent: concrete "Gefahr / Beinahe-Unfall” De Bundesgerichtshof (BGH) bevestigt in 2025, dat zónder concreet gevaar de Tatbestand (delictsomschrijving) van § 315c niet vervuld is; ook een (bijna-)botsing met uitsluitend het eigen (gestolen/geleende) voertuig kan de “fremde Sache”-component niet dragen.
Strafrechtelijke gevolgen in de praktijk (indicaties)Culpoze § 315c: veelal geldstraf (typisch 40–90 Tagessätze (zaak- en persoonsspecifiek)), soms Fahrverbot (tot 6 maanden) of -bij ongeschiktheid- Entziehung der Fahrerlaubnis met Sperrfrist. Voorbeelden uit gepubliceerde uitspraken tonen ordes van grootte zoals 80 Tagessätze + 6 maanden Fahrverbot. – Opzettelijke § 315c (vorsätzlich): bandbreedte geldstraf tot (voorwaardelijke) gevangenisstraf; minder vaak voorkomend: onvoorwaardelijke gevangenisstraf in standaardzaken zónder letsel;
Maßregeln: § 69 StGB (Entziehung der Fahrerlaubnis) ligt in § 315c-zaken vaak in de rede; alternatief/aanvullend: § 44 StGB (Fahrverbot).
Alcohol-variant (ter vergelijking): bij § 316 StGB (Trunkenheit) zónder concrete gevaarzetting is de praktijk bij first-offenders veelal 30–60 Tagessätze en (tijdelijke) rijontzegging (Entziehung der Fahrerlaubnis) afhankelijk van Blutalkoholkonzentration (BAK) en gedrag.

Drugs in het verkeer - actuele THC-grens en koppeling met Betäubungsmittelgesetz (BtMG)
Ordnungswidrigkeit (§ 24a StVG, n.F.) => Sinds 22.08.2024 geldt in het Duitse verkeersrecht een wettelijke THC-grens van 3,5 ng/ml (Blutserum). Overschrijding van deze grenswaarde is een Ordnungswidrigkeit met o.a. geldboete en Fahrverbot; onder deze grenswaarde is in beginsel niet meer sprake van een Ordnungswidirigkeit (louter op grond van THC). Dit vormt een duidelijke breuk met de vroegere 1,0 ng/ml-jurisprudentie van het Bundesverwaltungsgericht (BVerwG).

Strafmaatbepaling § 316 StGB (drogen) vs. § 315c StGB§ 316 StGB (rijden onder invloed) vergt Fahruntüchtigkeit (uitvalverschijnselen of gesubstantieerde ongeschiktheid), ongeacht de § 24a-grens; geen concrete gevarendrempel vereist. – § 315c StGB (zoals hier) vereist dááronder ook de concrete gevaarzetting (Beinahe-Unfall e.d.). Met andere woorden: THC ≥ 3,5 ng/ml leidt administratiefrechtelijk/OWi tot sancties, maar voor strafrecht (§§ 316/315c) blijft de rij-ongeschiktheid en (bij) de concrete gevaarzetting beslissend.

Strafmaatbepaling Ordnungsidrigkeitengesetz (OWiG) bij cannabis in het verkeer (eerste/tweede/derde keer): indicatief € 500/€ 1.000/€ 1.500 + 2 punten + 1–3 maanden Fahrverbot)

Koppeling met Betäubungsmittelgesetz (BtMG)§ 29 BtMG (gronddelict: o.a. bezit, aankoop, verhandelen): geldstraf of gevangenisstraf tot 5 jaar; – § 29a/30/30a BtMG (kwalificaties: niet-geringe hoeveelheid, jeugdigen, bende/geweld/wapens) met minima van respectievelijk 1 jaar / 2 jaar / 5 jaar. In de verkeerscontext komt dit in beeld bij aanhouding met middelen in de auto, naast het verkeersdelict.
Samenvattende strafmaat-indicatie
  • § 315c zonder schade/letsel, culpoos: geldstraf (40–90 Tagessätze) + Fahrverbot (rijverbod) tot 6 maanden of Entziehung der Fahrerlaubnis (ontzegging van de rijbevoegdheid) met Sperrfrist; bij opzet loopt dit op naar een (voorwaardelijke) gevangenisstraf in zwaardere gevallen.
  • § 316 (alcohol/drugs) standaard first-offender (Ersttäter): 30–60 Tagessätze, vaak in combinatie met een Entziehung der Fahrerlaubnis (afhankelijk van BAK/uitvalverschijnselen, en bijkomende omstandigheden.
  • OWi § 24a StVG: (THC ≥ 3,5 ng/ml): € 500 / € 1.000 / € 1.500 + 2 punten + 1–3 maanden Fahrverbot (1e/2e/3e).
Korte vergelijking met Nederland
§ 315c StGB eist een concrete gevarendichtheid (bijna-ongeval). Het Nederlandse recht kent geen strafbepaling, die precies zo is ingericht; art. 5a WVW 1994 (zeer gevaarlijk rijgedrag; misdrijf), art. 6 WVW (dood/letsel door schuld), en art. 8 WVW (rijden onder invloed) komen het dichtst in de buurt. De Duitse concrete-gevaar-drempel ligt dogmatisch strikter vast dan de Nederlandse open norm van art. 5a WVW; omgekeerd dekt art. 8 WVW (alcohol/drugs) zonder bijkomende concrete gevaarzetting al strafrechtelijk gedrag vergelijkbaar met § 316 StGB.

Voor drugs in verkeer heeft Duitsland sinds 22.08.2024 de THC-grens 3,5 ng/ml in de OWi-sfeer; NL hanteert onder art. 8 WVW m.n. ‘rijden onder invloed van een stof’ met aangewezen grenswaarden in het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer.
De kosten van de strafzaak
Houdt U er rekening mee dat een verdachte in Duitsland in beginsel de kosten van zijn verdediging zelf dient te dragen. En U dient erop bedacht te zijn, dat U geen beroep kunt doen op het Nederlandse systeem van gefinancierde rechtsbijstand (‘toevoeging’). Meer informatie vindt U hier.
Heeft U nog vragen? Laat het ons weten via het contact-formulier.
Schweigen ist Gold!
Bent U in Duitsland aangehouden, dan heeft U minimaal de navolgende rechten:

  • U heeft een recht om te zwijgen. Maak hier dus goed gebruik van, en zeg niets met betrekking tot de zaak zelf, ook niet als U voorgehouden wordt dat het maar om een kleinigheidje gaat. Alles kan immers tegen U gebruikt worden; ook informele uitlatingen;
  • maak wel Uw (juiste) identiteit bekend als hierom gevraagd wordt;
  • maak gebruik van Uw recht op juridische bijstand; ook in Duitsland kennen ze een soort piketdienst;
  • U heeft altijd het recht op vrije advocaatkeuze. Uw advocaat (= Verteidiger) moet U in principe zelf betalen, tenzij door de rechter een Pflichtverteidiger wordt aangewezen. Maar maak ook dan Uw voorkeur gelijk kenbaar, want het wisselen van Pflichtverteidiger kan moeilijk zijn, en iedere Verteidiger kan als Pflichtverteidiger worden aangewezen.

Meer informatie over het Duitse strafrecht vindt U in de brochure ‘Gearresteerd in Duitslandvan het Ministerie van Buitenlandse Zaken.