Raub
- Beroving -
Een Pflichtverteidiger is geen gekozen raadsman (Wahlverteidiger), maar een Strafverteidiger, die door de rechter in een geval van "notwendige Verteidigung" in de zin van § 140 StPO aan de verdachte wordt toegewezen. De verdachte kan daarbij zijn voorkeur voor een bepaalde Verteidiger kenbaar maken.
De Pflichtverteidiger kan rechtstreeks bij de Duitse Staat declareren. Mocht de verdachte onverhoopt veroordeeld worden, dan zal deze de voorgeschoten kosten alsnog op de veroordeelde verdachte verhalen; behoudens wanneer het jeugdstrafrecht is toegepast. De Pflichtverteidiger mag trouwens ook bijkomende financiële afspraken met de verdachte maken.

Raub (§§ 249 ff. StGB)

§ 249 StGB - Raub
(1) Wer mit Gewalt gegen eine Person oder unter Anwendung von Drohungen mit gegenwärtiger Gefahr für Leib oder Leben eine fremde bewegliche Sache einem anderen in der Absicht wegnimmt, die Sache sich oder einem Dritten rechtswidrig zuzueignen, wird mit Freiheitsstrafe nicht unter einem Jahr bestraft. (2) In minder schweren Fällen ist die Strafe Freiheitsstrafe von sechs Monaten bis zu fünf Jahren.
Raub (§ 249 StGB) is een van de zwaarste vermogensdelicten in het Duitse strafrecht. Het is in feite een samenloop van Diebstahl und Nötigung: iemand neemt een goed weg (diefstal), maar gebruikt daarbij geweld of bedreiging met geweld (Nötigung).
Dit delict staat daarmee op de grens van vermogenscriminaliteit en misdrijven tegen de persoonlijke integriteit.
Raub is een Verbrechen met zware straffen. Ook relatief kleine geweldshandelingen kunnen leiden tot een kwalificatie als roof. Voor cliënten betekent dit dat wat in Nederland soms als “lichte diefstal met duw- of trekbeweging” wordt gezien, in Duitsland al direct tot een Raub-verdenking kan leiden, met de strafdreiging van gevangenisstraf van minimaal 1 jaar.


Kernpunten
  • Strafminimum: 1 jaar gevangenisstraf.
  • Rechtsgoed: bescherming van eigendom en lichamelijke integriteit.
  • Strafmaximum: 15 jaar (bij verzwarende omstandigheden, zie hierna de bespreking van de §§ 250–251 StGB).

Delictsbestanddelen
  1. Wegnahme einer fremden beweglichen Sache =>
    • zoals bij diefstal: wegnemen van een roerend goed, dat aan een ander toebehoort.
  2. Gewalt gegen eine Person oder Drohung mit gegenwärtiger Gefahr für Leib oder Leben
    • Geweld: fysieke kracht (slaan, vastgrijpen).
    • Dreiging: het aankondigen van onmiddellijk gevaar.
  3. Finalzusammenhang
    • Geweld/dreiging moet worden gebruikt om de wegname mogelijk te maken.
  4. Zueignungsabsicht
    • Opzet om zich het goed wederrechtelijk toe te eigenen.
  5. Subjektiver Tatbestand
    • Vorsatz ten aanzien van alle elementen.

Strafverzwarende varianten
  • § 250 StGB - Schwerer Raub: bij gebruik van wapens, bij ernstige mishandeling of wanneer de dader “gemeinschaftlich” handelt. Strafminimum: 3 of 5 jaar.
  • § 251 StGB - Raub mit Todesfolge: indien slachtoffer overlijdt ten gevolge van het geweld. Straf: 10 jaar tot levenslang.

Jurisprudentie
  • BGHSt 16, 386: ook licht geweld (vastpakken, rukken) kan voldoende zijn als het de wegneming ondersteunt.
  • BGH, Urteil v. 30.04.1953 - 4 StR 110/53: verband is essentieel; als geweld pas ná de diefstal wordt toegepast, is het geen Raub maar mogelijk § 252 StGB (räuberischer Diebstahl).
  • BGH, Beschluss v. 08.11.2005 - 3 StR 354/05: de bedreiging hoeft niet expliciet uitgesproken te worden; een impliciete dreiging kan volstaan.

Vergelijking met Nederland
  • In Nederland: art. 312 Sr – diefstal met geweld of bedreiging.
  • Overeenkomsten: ook in NL minimaal 1 jaar gevangenisstraf, verzwarende omstandigheden bij zwaar geweld of de dood.
  • Verschillen:
  • Duitsland werkt met drie lagen: Diebstahl – Räuberischer Diebstahl – Raub.
  • Nederland kent alleen het brede begrip “diefstal met geweld” (art. 312 Sr).
  • Strafmaat in Duitsland loopt sneller op naar hoge minima bij verzwarende omstandigheden.

Checklist bij § 249 StGB
Kernbestanddelen
Wegnahme van een vreemd roerend goed.
• Geweld/dreiging tegen een persoon.
• Verband (geweld om wegname te faciliteren).
Vorsatz en Zueignungsabsicht.

Mogelijke verweren
• Geen verband (het geweld stond los van de diefstal).
• Geen Zueignungsabsicht (geen opzet tot toe-eigening).
• Geweld slechts minimaal en niet gericht op de wegname.
 
§ 250 StGB - Schwerer Raub
(1) Auf Freiheitsstrafe nicht unter drei Jahren ist zu erkennen, wenn 1. der Täter oder ein anderer Beteiligter am Raub a) eine Waffe oder ein anderes gefährliches Werkzeug bei sich führt, b) sonst ein Werkzeug oder Mittel bei sich führt, um den Widerstand einer anderen Person durch Gewalt oder Drohung mit Gewalt zu verhindern oder zu überwinden, c) eine andere Person durch die Tat in die Gefahr einer schweren Gesundheitsschädigung bringt oder 2. der Täter den Raub als Mitglied einer Bande, die sich zur fortgesetzten Begehung von Raub oder Diebstahl verbunden hat, unter Mitwirkung eines anderen Bandenmitglieds begeht. (2) Auf Freiheitsstrafe nicht unter fünf Jahren ist zu erkennen, wenn der Täter oder ein anderer Beteiligter am Raub 1. bei der Tat eine Waffe oder ein anderes gefährliches Werkzeug verwendet, 2. in den Fällen des Absatzes 1 Nr. 2 eine Waffe bei sich führt oder 3. eine andere Person a) bei der Tat körperlich schwer mißhandelt oder b) durch die Tat in die Gefahr des Todes bringt. (3) In minder schweren Fällen der Absätze 1 und 2 ist die Strafe Freiheitsstrafe von einem Jahr bis zu zehn Jahren.
Schwerer Raub (§ 250 StGB) is de verzwaarde vorm van roof en behoort tot de zwaarste vermogensdelicten in het Duitse strafrecht. De wetgever heeft in § 250 StGB extra kwalificaties opgenomen die de strafbaarheid en strafmaat aanzienlijk verhogen, vooral wanneer er sprake is van wapens, gewelddadige groepen of ernstige gevolgen.

Kernpunten
  • Rechtsgoed: eigendom, lichamelijke integriteit, leven.
  • Strafminima: 3 jaar of 5 jaar gevangenisstraf afhankelijk van de kwalificatie.

Delictsbestanddelen
  • Gronddelict: Raub (§ 249 StGB) moet reeds vervuld zijn.
  • Daarbovenop: een van de verzwarende omstandigheden uit § 250 StGB.

Varianten
  1. Führen einer Waffe/eines gefährlichen Werkzeugs => "bei sich führen": dader heeft het object onder zijn onmiddellijke bereik. Wapen = Schusswaffe; gefährliches Werkzeug = elk object, dat geschikt is om zwaar letsel toe te brengen.
  2. Bandenmäßige Begehung => verband van minstens drie personen met intentie tot meerdere feiten.
  3. Gefährdung schwerer Gesundheitsschädigung => slachtoffer wordt in reëel gevaar gebracht, ook als dit letsel niet optreedt.
  4. Verwenden einer Waffe oder gefährlichen Werkzeugs => actief inzetten van het middel (bijvoorbeeld steken, slaan, richten).
  5. Schwere Misshandlung / Todesgefahr => slachtoffer lijdt zwaar fysiek letsel of loopt reëel gevaar te overlijden.

Strafmaat
  • Abs. 1: Freiheitsstrafe nicht unter 3 Jahren.
  • Abs. 2: Freiheitsstrafe nicht unter 5 Jahren.
  • Bijkomende strafvermindering slechts mogelijk in uitzonderlijke gevallen (bijvoorbeeld bij Versuch (poging)).

Jurisprudentie
  • BGHSt 48, 233: "bei sich führen" is reeds vervuld als wapen tijdens delict onder bereik is, ongeacht daadwerkelijk gebruik.
  • BGHSt 53, 234: gevaarlijk gereedschap kan ook een alledaags object zijn (schroevendraaier, fles).
  • BGH, Urteil v. 10.10.2006 – 3 StR 275/06: gebruik van een geladen pistool = Abs. 2, strafminimum 5 jaar.
  • BGH, Beschluss v. 24.07.2012 – 3 StR 202/12: "Bandenraub" vereist een op duurzaamheid gericht samenwerkingsverband.

Vergelijking met Nederland
  • In Nederland: art. 312 Sr (diefstal met geweld) en art. 317 Sr (afpersing) kennen ook strafverhogingen bij gebruik van wapens of ernstig letsel.
  • Overeenkomsten: verzwarende omstandigheden leiden tot aanzienlijk hogere straffen.
  • Verschillen:
    • Duitsland heeft vaste strafminima (3 of 5 jaar).
    • In Nederland meer rechterlijke vrijheid; geen vast minimum, behalve bij levenslang/maximumstraf.
    • De Duitse “Bandenraub” heeft geen exact equivalent in Nederland, al wordt georganiseerde criminaliteit wel zwaarder gewogen.

Conclusie
Schwerer Raub leidt in de praktijk vrijwel altijd tot lange onvoorwaardelijke gevangenisstraffen. Het enkele feit, dat iemand bij de aanhouding een mes in de jaszak heeft, kan al leiden tot de kwalificatie van Schwerer Raub, ook zonder daadwerkelijk gebruik.
Voor Nederlandse cliënten is dit vaak moeilijk te begrijpen: in Duitsland telt het “bij zich hebben” zwaarder dan in Nederland.

Checklist bij § 250 StGB
Kernbestanddelen
• Vervulling van § 249 StGB (Raub).
• Aanwezigheid wapen / gevaarlijk gereedschap of andere verzwarende omstandigheid.
• Eventueel: georganiseerde misdaad, gevaar voor zwaar letsel of overlijden.

Bewijsbronnen
• Inbeslaggenomen wapens / voorwerpen.
• Medische rapporten.
• Getuigenverklaringen over bedreiging en gebruik.

Mogelijke verweren
• Geen “bei sich führen” (wapen niet onmiddellijk beschikbaar).
• Object geen “gefährliches Werkzeug” in de concrete situatie.
• Geen verband tussen het wapenbezit en het wegnemen.
§ 251 StGB - Raub mit Todesfolge
Verursacht der Täter durch den Raub (§§ 249 und 250) wenigstens leichtfertig den Tod eines anderen Menschen, so ist die Strafe lebenslange Freiheitsstrafe oder Freiheitsstrafe nicht unter zehn Jahren.
Raub mit Todesfolge (§ 251 StGB) is de zwaarste variant in de reeks van roofdelicten. Het betreft situaties waarin een (eenvoudige) Raub (§ 249) of een räuberischer Angriff auf Kraftfahrer (§ 316a) zodanig verloopt, dat het slachtoffer overlijdt. De wetgever behandelt dit als een Erfolgsqualifikation: het basismisdrijf is Raub, maar door het intreden van de dood ontstaat een veel hogere strafdreiging.
§ 251 StGB is een van de zwaarste delicten buiten de levens- en moordparagraaf. Ook wanneer de dood niet opzettelijk is veroorzaakt, maar “slechts” door nalatigheid tijdens de roof, leidt dit tot een minimumstraf van 10 jaar. Voor cliënten is het vaak moeilijk te begrijpen, dat een fatale afloop - ook onbedoeld - vrijwel automatisch tot een zeer lange gevangenisstraf leidt.

Delictsbestanddelen
  • Grundtatbestand: Raub (§ 249 StGB) oder räuberischer Angriff auf Kraftfahrer (§ 316a StGB) =>
    • Alle vereisten van Raub moeten aanwezig zijn (wegname, Gewalt/Drohung, Finalzusammenhang).
  • Tod eines anderen Menschen =>
    • Het slachtoffer moet overlijden.
    • Het maakt niet uit of dit direct door geweld of indirect door de gevolgen van de roof plaatsvindt.
  • Kausalität und objektive Zurechnung =>
    • Het overlijden moet het gevolg zijn van de roofhandeling.
    • Geen te ver verwijderde of toevallige oorzaken.
  • Subjektive Anforderungen =>
    • Ten minste Fahrlässigkeit (nalatigheid) t.a.v. de dood.
    • Opzet ten aanzien van de roof vereist, maar niet ten aanzien van de dood.

Strafmaat
  • Minimum: 10 jaar gevangenisstraf.
  • Maximum: levenslange gevangenisstraf.
  • In uitzonderingsgevallen kan een mildere straf opgelegd worden via § 49 Abs. 1 StGB (bij minder ernstige "Schuld").

Jurisprudentie
  • BGHSt 36, 1: ook een door angst veroorzaakte dood (hartstilstand) kan onder § 251 StGB vallen als deze door de roofhandeling is uitgelokt.
  • BGH, Urteil v. 07.02.2002 - 4 StR 453/01: dodelijk auto-ongeluk tijdens vlucht na Raub kan strafverzwarend worden toegerekend.
  • BGH, Beschluss v. 10.07.2008 - 3 StR 246/08: grensgevallen bij toerekening: dader hoeft niet te voorzien, dat het slachtoffer overlijdt, maar de handeling moet objectief gezien levensgevaarlijk zijn.

Vergelijking met Nederland
  • In Nederland: art. 312 lid 3 Sr (diefstal met geweld, indien de dood daaruit volgt).
  • Strafmaximum: levenslang of tijdelijke gevangenisstraf tot 30 jaar.
  • Overeenkomsten: beide systemen kennen een kwalificatie, waarbij de dood als gevolg van diefstal met geweld, de straf verhoogt.
  • Verschillen:
    • Duitsland kent een strafminimum van 10 jaar; in Nederland ligt de minimumstraf niet vast, maar wel een hoog maximum.
    • De Duitse insteek als Erfolgsqualifikation is strikter omlijnd, dan de Nederlandse open norm.

Checklist bij § 251 StGB
Kernbestanddelen
  • Vervulling van § 249 StGB (Raub) of § 316a StGB.
  • Dood van het slachtoffer.
  • Kausalität en objektive Zurechnung.
  • Ten minste Fahrlässigkeit m.b.t. de dood.

Bewijsbronnen
  • Medische rapporten (doodsoorzaak).
  • Getuigenverklaringen over geweld en verloop van de roof.
  • Forensische rapporten (bijvoorbeeld verkeersongevallenanalyse).

Mogelijke verweren
  • Geen causaal verband tussen roof en dood.
  • Geen objektive Vorhersehbarkeit.
  • Alleen overlijden door externe factor, niet door roofhandeling.
De kosten van de strafzaak
Houdt U er rekening mee dat een verdachte in Duitsland in beginsel de kosten van zijn verdediging zelf dient te dragen. En U dient erop bedacht te zijn, dat U geen beroep kunt doen op het Nederlandse systeem van gefinancierde rechtsbijstand (‘toevoeging’). Meer informatie vindt U hier.
Heeft U nog vragen? Laat het ons weten via het contact-formulier.
Schweigen ist Gold!
Bent U in Duitsland aangehouden, dan heeft U minimaal de navolgende rechten:

  • U heeft een recht om te zwijgen. Maak hier dus goed gebruik van, en zeg niets met betrekking tot de zaak zelf, ook niet als U voorgehouden wordt dat het maar om een kleinigheidje gaat. Alles kan immers tegen U gebruikt worden; ook informele uitlatingen;
  • maak wel Uw (juiste) identiteit bekend als hierom gevraagd wordt;
  • maak gebruik van Uw recht op juridische bijstand; ook in Duitsland kennen ze een soort piketdienst;
  • U heeft altijd het recht op vrije advocaatkeuze. Uw advocaat (= Verteidiger) moet U in principe zelf betalen, tenzij door de rechter een Pflichtverteidiger wordt aangewezen. Maar maak ook dan Uw voorkeur gelijk kenbaar, want het wisselen van Pflichtverteidiger kan moeilijk zijn, en iedere Verteidiger kan als Pflichtverteidiger worden aangewezen.

Meer informatie over het Duitse strafrecht vindt U in de brochure ‘Gearresteerd in Duitslandvan het Ministerie van Buitenlandse Zaken.