Betrug
- Fraude, Oplichting, Bedrog -
Een Pflichtverteidiger is geen gekozen raadsman (Wahlverteidiger), maar een Strafverteidiger, die door de rechter in een geval van "notwendige Verteidigung" in de zin van § 140 StPO aan de verdachte wordt toegewezen. De verdachte kan daarbij zijn voorkeur voor een bepaalde Verteidiger kenbaar maken.
De Pflichtverteidiger kan rechtstreeks bij de Duitse Staat declareren. Mocht de verdachte onverhoopt veroordeeld worden, dan zal deze de voorgeschoten kosten alsnog op de veroordeelde verdachte verhalen; behoudens wanneer het jeugdstrafrecht is toegepast. De Pflichtverteidiger mag trouwens ook bijkomende financiële afspraken met de verdachte maken.

Betrug (§§ 263 ff StGB)

Nederlandse ingezetenen en ondernemers die in Duitsland strafrechtelijk worden vervolgd, worden veelvuldig geconfronteerd met de verdenking van Betrug. Betrug (oplichting) is strafbaar gesteld in § 263 Strafgesetzbuch (StGB). Het gaat daarbij om het bewust misleiden van een ander met als doel zichzelf of een ander financieel voordeel te verschaffen, waarbij de benadeelde partij een vermogensnadeel lijdt.
Deze strafbaarstelling vertoont op het eerste gezicht gelijkenis met de Nederlandse oplichtingsbepaling van art. 326 Wetboek van Strafrecht (Sr), maar kent tegelijkertijd een aantal fundamentele systematische verschillen, met name ten aanzien van de vereiste causaliteit, het schadebegrip en de deelnemingsvormen.
§ 263 StGB)
(1) Wer in der Absicht, sich oder einem Dritten einen rechtswidrigen Vermögensvorteil zu verschaffen, das Vermögen eines anderen dadurch beschädigt, daß er durch Vorspiegelung falscher oder durch Entstellung oder Unterdrückung wahrer Tatsachen einen Irrtum erregt oder unterhält, wird mit Freiheitsstrafe bis zu fünf Jahren oder mit Geldstrafe bestraft. (2) Der Versuch ist strafbar. (3) In besonders schweren Fällen ist die Strafe Freiheitsstrafe von sechs Monaten bis zu zehn Jahren. Ein besonders schwerer Fall liegt in der Regel vor, wenn der Täter 1. gewerbsmäßig oder als Mitglied einer Bande handelt, die sich zur fortgesetzten Begehung von Urkundenfälschung oder Betrug verbunden hat, 2. einen Vermögensverlust großen Ausmaßes herbeiführt oder in der Absicht handelt, durch die fortgesetzte Begehung von Betrug eine große Zahl von Menschen in die Gefahr des Verlustes von Vermögenswerten zu bringen, 3. eine andere Person in wirtschaftliche Not bringt, 4. seine Befugnisse oder seine Stellung als Amtsträger oder Europäischer Amtsträger mißbraucht oder 5. einen Versicherungsfall vortäuscht, nachdem er oder ein anderer zu diesem Zweck eine Sache von bedeutendem Wert in Brand gesetzt oder durch eine Brandlegung ganz oder teilweise zerstört oder ein Schiff zum Sinken oder Stranden gebracht hat. (4) § 243 Abs. 2 sowie die §§ 247 und 248a gelten entsprechend. (5) Mit Freiheitsstrafe von einem Jahr bis zu zehn Jahren, in minder schweren Fällen mit Freiheitsstrafe von sechs Monaten bis zu fünf Jahren wird bestraft, wer den Betrug als Mitglied einer Bande, die sich zur fortgesetzten Begehung von Straftaten nach den §§ 263 bis 264 oder 267 bis 269 verbunden hat, gewerbsmäßig begeht. (6) Das Gericht kann Führungsaufsicht anordnen (§ 68 Abs. 1). (7) (weggefallen)
Het delict Betrug (oplichting/fraude) is een van de meest voorkomende vermogensdelicten in Duitsland. Het is juridisch complex en bewijsintensief. Het omvat situaties, waarin iemand door misleiding (Täuschung) een ander tot een handeling beweegt, die voor deze tot een vermogensnadeel leidt. De Duitse rechtspraak heeft een bijzonder verfijnde leer ontwikkeld omtrent Täuschung, Irrtum en Vermögensverfügung.
Zelfs bij een beperkt schadebedrag kan een Betrug-verdenking leiden tot een strafblad en een hoge geldstraf. Bij ernstigere gevallen (gewerbsmäßig (als bron van inkomsten) of Bandenbetrug) worden veelal onvoorwaardelijke gevangenisstraffen uitgesproken. Nederlandse cliënten begrijpen vaak niet, dat ook een “eenvoudige misleiding” strafrechtelijk relevant kan zijn.

Kernpunten
  • Rechtsgoed: bescherming van het individuele vermogen.
  • Strafbedreiging: tot 5 jaar gevangenisstraf of geldstraf.
  • Bij verzwarende omstandigheden (zie Abs. 2 en 3): hogere straffen, tot 10 jaar.

Delictsbestanddelen
  1. Täuschung: opzettelijke misleiding door een onjuiste voorstelling van zaken of het verzwijgen van de waarheid.
  2. Irrtum: de ander verkeert in een onjuiste voorstelling van zaken.
  3. Vermögensverfügung: de ander verricht een handeling, die direct leidt tot een vermogensverschuiving.
  4. Vermögensschaden: daadwerkelijk nadeel voor het vermogen van het slachtoffer.
  5. Vorsatz en Bereicherungsabsicht: dader moet opzet hebben én voordeel willen behalen voor zichzelf of een derde.

Strafverzwarende varianten (§ 263 Abs. 2 en 3 StGB)
  • Gewerbsmäßiger Betrug: handelen uit herhalings- of inkomstenmotief.
  • Bandenbetrug: in groepsverband gepleegd.
  • Großes Ausmaß: schade van grote omvang.
  • Missbrauch einer amtlichen Stellung.
  • Strafmaximum: tot 10 jaar gevangenisstraf.

Procesrechtelijke bijzonderheden
  • Het betreft een Offizialdelikt, vervolging geschiedt ambtshalve.
  • Vaak omvangrijke bewijsvoering: bankafschriften, contracten, digitale communicatie.
  • Bij internationale zaken: samenwerking tussen Duitse en Nederlandse opsporingsautoriteiten (Europese Onderzoeksbevelen, rechtshulp).

Jurisprudentie
  • BGHSt 16, 220: Vermögensschaden ook bij risicoverschuiving (zogenaamde Gefährdungsschaden).
  • BGHSt 47, 1: Telefoonfraude; Irrtum, ook als het slachtoffer slechts beperkt inzicht heeft.
  • BGH, Beschluss v. 05.05.2011 – 4 StR 44/11: Internetbetrug (bijvoorbeeld bij online veilingen) valt volledig onder § 263 StGB.

Vergelijking met Nederland
  • In Nederland: art. 326 Sr – oplichting.
  • Overeenkomsten: misleiding irrigeerbare dwaling vermogensnadeel.
  • Verschillen:
    • Duitse leer onderscheidt scherp Täuschung-Irrtum-Vermögensverfügung-Schaden.
    • Nederland werkt met bredere omschrijving van listige kunstgrepen en valse hoedanigheden.
    • Strafmaximum in Duitsland (5 tot 10 jaar) is hoger dan in Nederland (4 jaar).

Checklist bij § 263 StGB
De Duitse delictsomschrijving vereist dus onder meer:
  • een misleiding (Täuschungshandlung)
  • een veroorzaakte dwaling (Irrtum) bij het slachtoffer
  • een vermogensbeschikking (Vermögensverfügung)
  • daadwerkelijke schade (Vermögensschaden)
  • en een causaal verband.
Daarnaast moet er sprake zijn van opzet (Vorsatz) en een wederrechtelijk bevoordelingsdoel (Bereicherungsabsicht).
Poging tot oplichting (Versuchter Betrug)
Een poging tot Betrug is strafbaar op grond van § 263 Abs. 2 StGB, § 22 StGB. Er is sprake van een strafbare poging wanneer een begin is gemaakt met de uitvoering, maar het delict niet wordt voltooid. Ook zonder daadwerkelijke schade kan strafbaarheid intreden.
Deelnemingsvormen: Mittäterschaft, Anstiftung en Beihilfe
Het Duitse recht kent verschillende vormen van deelneming. Mittäterschaft vereist gezamenlijke uitvoering; Anstiftung betreft aanzetten tot het delict; Beihilfe omvat hulp bij of vóór het delict. Al deze vormen zijn strafbaar gesteld in respectievelijk §§ 25, 26 en 27 StGB.

Strafdreiging

De basisstraf voor Betrug is tot vijf jaar gevangenisstraf of geldstraf. Ernstigere zaken kunnen leiden tot een gevangenisstraf van zes maanden tot tien jaar. Voorbeelden hiervan zijn georganiseerde fraude of aanzienlijke financiële schade.
De kosten van de strafzaak
Houdt U er rekening mee dat een verdachte in Duitsland in beginsel de kosten van zijn verdediging zelf dient te dragen. En U dient erop bedacht te zijn, dat U geen beroep kunt doen op het Nederlandse systeem van gefinancierde rechtsbijstand (‘toevoeging’). Meer informatie vindt U hier.
Heeft U nog vragen? Laat het ons weten via het contact-formulier.
Schweigen ist Gold!
Bent U in Duitsland aangehouden, dan heeft U minimaal de navolgende rechten:

  • U heeft een recht om te zwijgen. Maak hier dus goed gebruik van, en zeg niets met betrekking tot de zaak zelf, ook niet als U voorgehouden wordt dat het maar om een kleinigheidje gaat. Alles kan immers tegen U gebruikt worden; ook informele uitlatingen;
  • maak wel Uw (juiste) identiteit bekend als hierom gevraagd wordt;
  • maak gebruik van Uw recht op juridische bijstand; ook in Duitsland kennen ze een soort piketdienst;
  • U heeft altijd het recht op vrije advocaatkeuze. Uw advocaat (= Verteidiger) moet U in principe zelf betalen, tenzij door de rechter een Pflichtverteidiger wordt aangewezen. Maar maak ook dan Uw voorkeur gelijk kenbaar, want het wisselen van Pflichtverteidiger kan moeilijk zijn, en iedere Verteidiger kan als Pflichtverteidiger worden aangewezen.

Meer informatie over het Duitse strafrecht vindt U in de brochure ‘Gearresteerd in Duitslandvan het Ministerie van Buitenlandse Zaken.