Einziehung von Taterträgen u. a.
Ontneming en verbeurdverklaring
Een Pflichtverteidiger is geen gekozen raadsman (Wahlverteidiger), maar een Strafverteidiger, die door de rechter in een geval van "notwendige Verteidigung" in de zin van § 140 StPO aan de verdachte wordt toegewezen. De verdachte kan daarbij zijn voorkeur voor een bepaalde Verteidiger kenbaar maken.
De Pflichtverteidiger kan rechtstreeks bij de Duitse Staat declareren. Mocht de verdachte onverhoopt veroordeeld worden, dan zal deze de voorgeschoten kosten alsnog op de veroordeelde verdachte verhalen; behoudens wanneer het jeugdstrafrecht is toegepast. De Pflichtverteidiger mag trouwens ook bijkomende financiële afspraken met de verdachte maken.

Algemene regelingen uit het Duitse strafrecht

§ 73 StGB
(1) Hat der Täter oder Teilnehmer durch eine rechtswidrige Tat oder für sie etwas erlangt, so ordnet das Gericht dessen Einziehung an. (2) Hat der Täter oder Teilnehmer Nutzungen aus dem Erlangten gezogen, so ordnet das Gericht auch deren Einziehung an. (3) Das Gericht kann auch die Einziehung der Gegenstände anordnen, die der Täter oder Teilnehmer erworben hat 1. durch Veräußerung des Erlangten oder als Ersatz für dessen Zerstörung, Beschädigung oder Entziehung oder 2. auf Grund eines erlangten Rechts.
§ 73 StGB - Einziehung von Taterträgen bei Tätern und Teilnehmern
De Duitse vermogensontneming in het strafrecht, ook wel aangeduid als het „Verfall- und Einziehungsrecht“, is met name geregeld in de §§ 73-76b Strafgesetzbuch (StGB). Deze regeling staat in de praktijk bekend als het Duitse equivalent van wat in Nederland wordt aangeduid als “plukze-wetgeving”.

Doel en aard van de regeling

De regeling inzake Einziehung (ontneming/verbeurdverklaring) in het Duitse strafrecht is gericht op het ontnemen van voordeel dat uit strafbare feiten is verkregen, het wegnemen van gevaarlijke of verboden voorwerpen, en het voorkomen van hernieuwde strafbare feiten.

De modernisering van dit systeem is op 1 juli 2017 in werking getreden met de „Reform der strafrechtlichen Vermögensabschöpfung“, waarbij de tot dan toe gehanteerde begrippen zoals “Verfall” grotendeels zijn vervangen door een allesomvattend systeem van “Einziehung”.

Het systeem van §§ 73-76b StGB is in beginsel een sanctiesysteem sui generis en geen straf in enge zin, al heeft het wel punitieve en preventieve elementen.
De relevante bepalingen zijn:

  • § 73 StGB - Einziehung von Taterträgen bei Tätern und Teilnehmern
  • § 73a StGB - Erweiterte Einziehung von Taterträgen bei Tätern und Teilnehmern
  • § 73b StGB - Einziehung von Taterträgen bei anderen
  • § 73c StGB - Einziehung des Wertes von Taterträgen
  • § 73d StGB - Bestimmung des Wertes des Erlangtenl Schätzung
  • § 73e StGB - Ausschluss der Einziehung des Tatertrages oder des Wertersatzes

  • § 74 StGB – Einziehung von Tatprodukten, Tatmitteln und Tatobjekten bei Tätern und Teilnehmern
  • § 74a StGB - Einziehung bei anderen
  • § 74b StGB - Verfahren bei der Einziehung von Gegenständen
  • § 74c StGB - Wirkung der Einziehung
  • § 75 StGB - Einziehung bei mehreren Beteiligten
  • § 76 StGB - Wertersatz (vervangende waardeontneming)
  • § 76a StGB - Selbständige Einziehung (ook bij beëindigde vervolging)
  • § 76b StGB - Vorläufige Sicherung (voorlopige maatregelen)

Daarnaast zijn de bepalingen in het Strafprozessordnung (StPO), en dan met name de §§ 111b-111n StPO, van belang voor de tenuitvoerlegging en de voorlopige zekerstelling.

Systematiek

De Einziehung kent twee hoofdvormen:
  • Einziehung von Taterträgen (ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel) - § 73 StGB en volgende
  • Einziehung von Tatprodukten, Tatmitteln und Tatobjekten (inbeslagneming van voorwerpen die met het delict te maken hebben) - § 74 StGB en volgende

De eerste vorm (opbrengsten) richt zich op het vermogensvoordeel. De tweede vorm (objecten) op de zaken zelf die bij de daad betrokken waren.
§ 74 StGB
(1) Gegenstände, die durch eine vorsätzliche Tat hervorgebracht (Tatprodukte) oder zu ihrer Begehung oder Vorbereitung gebraucht worden oder bestimmt gewesen sind (Tatmittel), können eingezogen werden. (2) Gegenstände, auf die sich eine Straftat bezieht (Tatobjekte), unterliegen der Einziehung nach der Maßgabe besonderer Vorschriften. (3) Die Einziehung ist nur zulässig, wenn die Gegenstände zur Zeit der Entscheidung dem Täter oder Teilnehmer gehören oder zustehen. Das gilt auch für die Einziehung, die durch eine besondere Vorschrift über Absatz 1 hinaus vorgeschrieben oder zugelassen ist.

Kernbepalingen verbeurdverklaringsregeling

§ 74 StGB - Einziehung bei Tätern und Teilnehmern
Deze bepaling regelt dat bepaalde voorwerpen verbeurd kunnen worden verklaard wanneer zij:
  • uit een strafbaar feit afkomstig zijn (Tatprodukte),
  • bij het strafbaar feit zijn gebruikt of bedoeld om gebruikt te worden (Tatmittel),
  • of ten behoeve van het strafbaar feit zijn vervaardigd of bestemd (Tatobjekte).

Voorwaarden:
  • Het voorwerp moet een concrete relatie hebben tot het delict.
  • De verbeurdverklaring moet noodzakelijk zijn om herhaling van strafbare feiten te voorkomen of om de rechtsorde te beschermen (vgl. BGHSt 45, 209).


§ 74a StGB - Einziehung bei Dritten
Deze bepaling maakt het mogelijk om ook goederen van derden in beslag te nemen, als deze (al dan niet bewust) bij de strafbare feiten zijn betrokken. Er gelden dan zwaardere toetsingscriteria, met name:
  • De derde moet weten of ernstig vermoeden dat het voorwerp voor het strafbare feit zal worden gebruikt of daaruit afkomstig is.


§ 74b en § 74c StGB – Procedure en rechtsgevolgen

  • § 74b regelt procedurele aspecten: bij vonnis wordt de Einziehung uitgesproken, eventueel na beslag.
  • § 74c bepaalt de rechtsgevolgen: het eigendomsrecht gaat over op de Duitse Staat en schulden op het voorwerp blijven bestaan, tenzij uitdrukkelijk opgeheven.


§ 75 StGB – Einziehung bei mehreren Beteiligten
Als meerdere personen bij het strafbare feit betrokken zijn, kan de Einziehung jegens allen plaatsvinden, ook cumulatief. Dit voorkomt dat door onderlinge verdeling het voordeel aan de Staat onttrokken wordt.


§ 76 StGB – Wertersatz
Wanneer het voorwerp zelf niet meer beschikbaar is (bijvoorbeeld verkocht, vernietigd of verduisterd), kan de rechter een vervangende waardeontneming opleggen.

Kenmerken:
  • De rechter stelt de waarde vast.
  • Het betreft een vermogensrechtelijke vordering tegen de veroordeelde.


§ 76a StGB - Selbständige Einziehung
Deze bepaling is van groot belang in het geval:
  • de verdachte niet vervolgd kan worden (bijvoorbeeld wegens overlijden, onbekende verblijfplaats),
  • of de strafvervolging is beëindigd, maar goederen toch ontnomen moeten worden.

De selbständige Einziehung is dus een afzonderlijke strafvorderlijke maatregel tegen het vermogensbestanddeel zonder dat een veroordeling vereist is.

§ 76b StGB - Vorläufige Sicherung
Deze bepaling biedt de basis voor voorlopige maatregelen ter veiligstelling van de latere Einziehung. Denk aan beslaglegging, rekeningblokkades, etc. Dit is essentieel bij de bestrijding van georganiseerde criminaliteit en witwaspraktijken.

Deze bepaling wordt in de praktijk gecombineerd met:
  • § 111b StPO e.v. – nadere uitwerking van de concrete procedures voor beslag

Rechtsgevolgen

  • Einziehung leidt tot eigendomsverlies ten gunste van de Staat (§ 74c StGB).
  • Schulden op het ontnomen voorwerp blijven in beginsel bestaan.
  • Derden kunnen onder voorwaarden ook getroffen worden (§ 74a StGB).
  • Vervangende waardeontneming is mogelijk (§ 76 StGB).
  • Einziehung kan ook plaatsvinden zonder hoofdprocedure (§ 76a StGB).
  • Tijdelijke maatregelen ter zekerstelling zijn toegestaan (§ 76b StGB).

Vergelijking met Nederland

In Nederland is de regeling neergelegd in onder andere:

  • Artikel 36e Sr - ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel,
  • Wet afpakken crimineel vermogen (WACC),
  • Artikel 94a Sv e.v. - conservatoir beslag.

Waar Nederland met name via het strafvorderlijk traject (art. 36e Sr + art. 511b Sv e.v.) tot ontneming komt, kent Duitsland met de selbständige Einziehung (§ 76a StGB) een breder instrumentarium. Beide systemen streven echter hetzelfde doel na: voorkomen dat misdaad loont.

Let op:
De Einziehung in Duitsland is eerder een strafvorderlijke maatregel dan een bijkomende straf zoals in Nederland. Ze kan zelfstandig (dus zonder veroordeling) worden toegepast, hetgeen in het Nederlandse systeem enkel in civielrechtelijke procedures (ontneming van verdachte goederen via ontnemingsvonnis of civiele confiscatie) vergelijkbare contouren kent.
Heeft U nog vragen? Laat het ons weten via het contact-formulier.
Schweigen ist Gold!
Bent U in Duitsland aangehouden, dan heeft U minimaal de navolgende rechten:

  • U heeft een recht om te zwijgen. Maak hier dus goed gebruik van, en zeg niets met betrekking tot de zaak zelf, ook niet als U voorgehouden wordt dat het maar om een kleinigheidje gaat. Alles kan immers tegen U gebruikt worden; ook informele uitlatingen;
  • maak wel Uw (juiste) identiteit bekend als hierom gevraagd wordt;
  • maak gebruik van Uw recht op juridische bijstand; ook in Duitsland kennen ze een soort piketdienst;
  • U heeft altijd het recht op vrije advocaatkeuze. Uw advocaat (= Verteidiger) moet U in principe zelf betalen, tenzij door de rechter een Pflichtverteidiger wordt aangewezen. Maar maak ook dan Uw voorkeur gelijk kenbaar, want het wisselen van Pflichtverteidiger kan moeilijk zijn, en iedere Verteidiger kan als Pflichtverteidiger worden aangewezen.

Meer informatie over het Duitse strafrecht vindt U in de brochure ‘Gearresteerd in Duitslandvan het Ministerie van Buitenlandse Zaken.