De
Rücktritt is de terugtreding uit c.q. ontbinding van een wederkerige overeenkomst, met als gevolg dat deze wordt omgevormd in een
Rückgewährschuldverhältnis (terugafwikkelingsverhouding).
Men onderscheidt het
vertragliche (contractueel bedongen) en het
gesetzliche (wettelijke)
Rücktrittsrecht.
Wettelijke gronden voor ontbinding- § 323 BGB: ontbinding wegens niet of niet-conform verrichte prestatie, in beginsel na vruchteloze Fristsetzung (ingebrekestelling);
- § 324 BGB: ontbinding wegens schending van Rücksichtnahmepflichten (§ 241 Abs. 2 BGB);
- § 326 Abs. 5 BGB: ontbinding wegens bij Unmöglichkeit (onmogelijkheid), zonder Fristsetzung.
Rechtsgevolgen en uitsluitingDe ontvangen prestaties moeten over en weer worden teruggegeven (
§§ 346 ff. BGB); is teruggave naar haar aard uitgesloten, dan treedt
Wertersatz (
§ 346 Abs. 2 BGB) in de plaats.
De
Rücktritt is uitgesloten in de gevallen van
§ 323 Abs. 5 en
6 BGB (o.a. bij een onbeduidende
Pflichtverletzung of overwegende eigen verantwoordelijkheid van de terugtredende partij).
Let op:De
Fristsetzung is regel (
§ 323 Abs. 1 BGB); zij kan achterwege worden gelaten in de gevallen van
§ 323 Abs. 2 BGB (o.a. ernstige en definitieve weigering) en - in het kooprecht -
§ 440 BGB.
Rücktritt en
Schadensersatz sluiten elkaar niet uit (
§ 325 BGB).