Zivilrecht
-Burgerlijk Recht-
Het Zivilrecht (burgerlijk recht) regelt de rechtsverhoudingen tussen burgers en ondernemingen onderling: koop en verkoop, huur, aanneming van werk, schadevergoeding, eigendom, familie- en erfkwesties. Anders dan het Strafrecht, waarin de staat optreedt tegen de verdachte, staan in het Zivilrecht in beginsel twee gelijkwaardige partijen tegenover elkaar.
De kern van het Duitse Zivilrecht is het Bürgerliches Gesetzbuch (BGB), dus "Burgerlijk Wetboek", in werking sinds 1 januari 1900.

Net als het Nederlandse recht behoort het Duitse recht weliswaar tot de Romeins-Germaanse rechtsfamilie, maar de uitwerking wijkt op belangrijke punten af. Voor Nederlandse cliënten is dat van praktisch belang: een probleem dat in Nederland op de ene manier wordt opgelost, kan in Duitsland net een andere uitkomst hebben.

De vijf "boeken" van het BGB

1. Allgemeiner Teil (§§ 1–240 BGB)
Het algemene deel bevat de grondbegrippen die in alle overige delen terugkeren: rechtssubjecten (natürliche und juristische Personen), de rechtshandeling (Rechtsgeschäft), totstandkoming van overeenkomsten (Vertragsschluss durch Angebot und Annahme), wilsgebreken (Anfechtung wegen Irrtum, Täuschung of Drohung) en de verjaring (Verjährung). Het is vergelijkbaar met de "voor de poort geplaatste" algemene leerstukken in het Nederlandse Burgerlijk Wetboek.

2. Recht der Schuldverhältnisse - Schuldrecht (§§ 241-853 BGB)
Dit is wellicht het meest relevante deel. Het Schuldrecht (verbintenissenrecht) regelt verbintenissen: wat de ene partij van de andere mag vorderen.

Het Schuldrecht kent twee lagen:

  • het Allgemeines Schuldrecht (§§ 241-432), met de algemene regels over nakoming, verzuim (Verzug) en wanprestatie (Pflichtverletzung, § 280 BGB), en
  • het Besonderes Schuldrecht (§§ 433-853), met de afzonderlijke contracttypen zoals de koop (Kaufvertrag, § 433 ff.), huur (Mietvertrag, § 535 ff.) en aanneming van werk (Werkvertrag, § 631 ff.), alsmede de verbintenissen uit de wet: zaakwaarneming (Geschäftsführung ohne Auftrag, § 677 ff.), onverschuldigde betaling/ongerechtvaardigde verrijking (ungerechtfertigte Bereicherung, § 812 ff.) en onrechtmatige daad (unerlaubte Handlung, § 823 ff.).

Het Schuldrecht is in 2002 ingrijpend gemoderniseerd (Schuldrechtsmodernisierung), onder meer ter implementatie van Europese richtlijnen.

3. Sachenrecht (§§ 854–1296 BGB)
Het Sachenrecht (goederen- of zakenrecht) regelt de rechten op zaken: bezit (Besitz), eigendom (Eigentum, § 903 ff.) en beperkte zakelijke rechten zoals het pandrecht, de Hypothek en de Grundschuld.

Bijzonder belangrijk - en voor Nederlanders verrassend - zijn daarbij twee Duitse leerstukken: het Trennungsprinzip (de verbintenis tot overdracht en de overdracht zelf zijn juridisch gescheiden) en het Abstraktionsprinzip (de geldigheid van de eigendomsoverdracht staat los van de geldigheid van de onderliggende koop). Het Nederlandse recht hanteert daarentegen een causaal stelsel (art. 3:84 BW): is de titel ongeldig, dan is ook de overdracht ongeldig. In Duitsland kan men dus eigenaar worden ondanks een nietige koopovereenkomst, met terugvordering via het Bereicherungsrecht. Dit verschil heeft grote praktische gevolgen bij grensoverschrijdende transacties.

4. Familienrecht (§§ 1297–1921 BGB)
Het Familienrecht (familierecht) regelt huwelijk, echtscheiding, huwelijksvermogensrecht (de Zugewinngemeinschaft als wettelijk basisstelsel), onderhoudsverplichtingen (Unterhalt) en het ouderlijk gezag.

5. Erbrecht (§§ 1922–2385 BGB)
Het Erbrecht (erfrecht) regelt de erfopvolging, het testament, de legitieme portie (Pflichtteil) en de afwikkeling van de nalatenschap. Bij grensoverschrijdende nalatenschappen bepaalt de Europese Erfrechtverordening (EuErbVO) welk recht van toepassing is.
Het Zivilrecht is uiteraard breder dan alleen het BGB. Voor ondernemers gelden aanvullend onder meer het Handelsgesetzbuch (HGB) voor het handelsrecht, het vennootschapsrecht (Gesellschaftsrecht, o.a. GmbHG en AktG) en het arbeidsrecht (Arbeitsrecht).
Deze regelingen verdringen of vullen het BGB op specifieke punten aan; het BGB blijft daarbij het algemene "vangnet".
Hoe een civiele vordering vervolgens bij de rechter wordt afgedwongen, is een afzonderlijke materie: het Zivilprozessrecht, geregeld in de Zivilprozessordnung (ZPO). Dit omvat onder meer de bevoegdheid van de gerechten (o.a. Amtsgericht en Landgericht), het verloop van de procedure en de tenuitvoerlegging (Zwangsvollstreckung).
Kort samengevat: gaat het om een afspraak, contract of schadevergoeding, dan zit U in het Schuldrecht. Gaat het om eigendom, bezit of zekerheidsrechten op zaken, dan in het Sachenrecht. Twijfelt U? Voor Nederlandse cliënten is juist de vraag welk recht (Duits of Nederlands) en welke rechter van toepassing is vaak het eerste, beslissende vraagstuk. Wij beoordelen dat graag voor U.

Enkele veel voorkomende aandachtsgebieden uit het Duitse Burgerlijk Recht:

Wanprestatie

Autokoop

Vastgoedrecht

Handelsrecht

Burgerlijk Procesrecht

Heeft U nog vragen? Laat het ons weten via het contact-formulier.