Procesrisico voor de Nederlandse ondernemer/autohandelaar: toepasselijk recht en bevoegde rechterKoopt een Nederlandse consument van een Duitse handelaar, zal hij zijn vordering nagenoeg altijd voor de Duitse rechter moeten brengen. Zelden richt een Duitse handelaar zich uitdrukkelijk op de Nederlandse markt. Veelal richt hij zich op de Duitse consument en is de verkoop aan Nederlandse consument niet meer dan een "bijvangst".
Nederlandse handelaren van gebruikte voertuigen richten zich steeds vaker uitdrukkelijk ook op de Duitse consument. Daartoe worden luxe auto's in Duitsland ingekocht en (voorzien van Duits kenteken) via de bekende, op de Duitse markt gerichte, internet-platforms (zoals Mobile.de en Autoscout24, maar ook via eBay (Kleinanzeigen)), aangeboden.
Onder de
Brüssel Ia-Verordnung (Artt. 17–19) ontstaat een zogenaamd asymmetrisch forum zodra de ondernemer zijn activiteit (mede) op de woonstaat van de consument heeft gericht ("
Ausrichten", Art. 17 lid 1 sub c):
- enkel de consument heeft een keuzerecht, en mag in dat geval de ondernemer dagvaarden voor de rechter van zijn eigen woonplaats óf voor die van de ondernemer (Art. 18 lid 1);
- de ondernemer mag de consument enkel dagvaarden voor de rechter van de woonplaats van de consument (Art. 18 lid 2).
Het "richten op"- c.q. "
Ausrichten"-criterium is ruim (Europees Hof van Justitie inz. Pammer/Alpenhof). Een Nederlandse handelaar, die adverteert op Duitstalige platforms (o.a.
mobile.de, AutoScout24), een Duitstalige website onderhoudt of structureel aan Duitse klanten levert, richt zijn activiteit (mede) op Duitsland.
Gevolg: een Duitse consument kan die Nederlandse handelaar voor het
Amtsgericht/
Landgericht van zijn eigen "
Wohnort" dagvaarden. En via "Rom I" (Art. 6) past de Duitse rechter dan dwingend Duits kooprecht toe, ook als de schriftelijke overeenkomst Nederlands recht als toepasselijk recht aanwijst. Een forumkeuze in algemene voorwaarden helpt de handelaar tegenover een consument niet (
Art. 19 Brüssel Ia).
Dit betekent dus, dat ook een Nederlandse handelaar die aan een Duitse consument verkoopt - net zoals zijn Duitse collega-handelaar - gedurende het eerste jaar in een ongunstige bewijspositie verkeert, de aansprakelijkheid niet kan weg-contracteren, en bij een geschil in Duitsland procedeert.
Dit verdient bijzondere aandacht in de prijsstelling en bedrijfsvoering (vastleggen van de staat bij aflevering, foto's, testrapporten).
Immers: procederen in Duitsland, naar Duits recht, in het Duits.
Voor een Nederlandse autohandelaar die zich (ook) op de Duitse markt richt, is dit het standaardscenario. Voor de Duitse autohandelaar geldt dit vanzelfsprekend.