Zivilrecht
-Sachenrecht-

Sachenrecht - Zakenrecht

Het Sachenrecht (Buch 3 BGB, §§ 854–1296) regelt de rechtstreekse heerschappij van personen over zaken (Sachen, § 90 BGB). Het kent - anders dan het Schuldrecht - absolute, jegens eenieder werkende rechten. Wie eigenaar is, kan zijn recht tegenover iedere derde handhaven; wie een beperkt zakelijk recht heeft, geniet dezelfde absolute bescherming binnen de grenzen van dat recht. Het Sachenrecht is het Duitse zakenrecht en correspondeert grofweg met de Nederlandse Boeken 3 (ten dele) en 5 BW.

De belangrijkste leerstukken binnen het Duitse zakenrecht: de "Sachenrechtsprinzipien"

  • Absolutheit: zakelijke rechten werken tegen iedereen;
  • Typenzwang: er bestaat een gesloten, niet door partijen uit te breiden lijst van zakelijke rechten;
  • Publizitätsprinzip: zakelijke rechten moeten kenbaar zijn => bezit bij roerende, het Grundbuch bij onroerende zaken, met de daaraan verbonden öffentlicher Glaube (§ 892 BGB);
  • Bestimmtheits-/Spezialitätsgrundsatz: een zakelijk recht kan alleen op een bepaalde, individuele zaak rusten;
  • Trennungs- und Abstraktionsprinzip: de verbintenisrechtelijke titel (Verpflichtungsgeschäft) en de zakelijke overdracht (Verfügungsgeschäft) zijn juridisch zelfstandig => een wezenlijk en voor Nederlandse juristen verrassend verschil met het causale stelsel van art. 3:84 BW;
  • gutgläubiger Erwerb (§§ 932 ff. BGB): onder voorwaarden kan men eigendom verkrijgen van een beschikkingsonbevoegde, te goeder trouw;
  • bezit, eigendom, beperkte gebruiksrechten en de zakelijke zekerheidsrechten
Het Sachenrecht schept rechtszekerheid over eigendom en zekerheden en is daarmee de juridische ruggengraat van vastgoed, financiering en handelskrediet.
Het bepaalt wie rechthebbende is, hoe eigendom overgaat en welke voorrang een schuldeiser in een Insolvenz (faillissement) geniet (Aus- und Absonderung).
Cruciaal in grensoverschrijdende verhoudingen is de lex rei sitae: op zakelijke rechten is het recht van de plaats waar de zaak zich bevindt van toepassing (Art. 43 EGBGB). Een Nederlandse partij die een zaak in Duitsland verkrijgt, financiert of als zekerheid wil aanwenden, is dus aan het Duitse Sachenrecht onderworpen - ook als de onderliggende overeenkomst door Nederlands recht wordt beheerst.
Voor wie
Het Sachenrecht is van belang voor kopers en verkopers van Duits vastgoed, voor financiers en kredietgevers, voor leveranciers die met Eigentumsvorbehalt werken, en voor iedere ondernemer die zekerheden vestigt of ontvangt.
Voor Nederlandse partijen is bijzondere oplettendheid geboden, omdat de Duitse Sachenrechtsprinzipien - met name het Abstraktionsprinzip en de werking van het Grundbuch - sterk afwijken van het Nederlandse zakenrecht.
Hoe een civiele vordering vervolgens bij de rechter wordt afgedwongen, is een afzonderlijke materie: het Zivilprozessrecht, geregeld in de Zivilprozessordnung (ZPO). Dit omvat onder meer de bevoegdheid van de gerechten (o.a. Amtsgericht en Landgericht), het verloop van de procedure en de tenuitvoerlegging (Zwangsvollstreckung).
Heeft U nog vragen? Laat het ons weten via het contact-formulier.